h.

hora

h.a.

hoe anno

h.l.

hoe loco; huius loco

h.t.

hoe tempore


habita dispensatione

na verkregen dispensatie

habita dispensatione matrimonium contrahendi in tempore clauso

na dispensatie verkregen te hebben voor het luiten van een huwelijk in de gesloten tijd(in de Vasten- en Adventstijd)

habitans

inwoner, wonend

habitans in dicto pago

wonend in dit dorp, inwoner van gezegde streek

habitis dimissorialibus

met verkregen verlofbrieven

hactenus

tot nu toe, tot heden

haemorragia

(Grieks) bloeding

haeres,

zie heres

haerides eius fundaverunt anniversarium

zijn erfgenamen hebben een jaargetijde gesticht (een jaarlijkse herdenking voor de overledene ingesteld)

hebdomadicus

een week oud

hebdomalis

een week oud

hebdomas

week

hecatontarchus

(Grieks) kapitein, hopman, hoofdman

hereditarius

erfelijk

hereditas

erfenis, nalatenschap

hereditas iacens

na niet aanvaarde nalatenschap

hereditatis petitio

opvordering der nalatenschap

heredis

van de erfgenaam

heres

erfgenaam

heri

gisteren

hetrodoxus

(Grieks) ketter, behorende bij een ander geloof

hic

hier, hij, deze

hicfacta est

hier is gedaan

hic iacet

hier ligt (begraven)

hinc inde

van hier (en) van daar, wederzijds

hoba

hoeve

hoc anno

in het huidig jaar

hoc mense

in deze maand

hoc statu

in deze toestand

hoc tempore

in deze tijd

hodie

vandaag, heden

hodie mane

heden morgen

hodierno

vandaag, in het heden

hodiernus

van deze tijd, actueel

hollandicus

Hollander; iemand van boven de grote rivieren

honestus

eerzaam, eerlijk, eervol

honor

eer

honoris

van de eer

hora (+ rangtelwoord)

... uur

hora matutina

morgenstond, ochtenduur

hora secunda a prando

(Lat. prandium middagmaal)twee uur 's middags

hora tertia matutina

om drie uur in de morgen

hora vespertina

avond, namiddaguur, avonduur

horreum

schuur

hortulanus

tuinman, tuinier, groenteman, groenteboer

hospes

gastheer, inwoner zonder burgerrecht, kleine boer, gast, iertapper, bierhuishouder, cafehouder, waard, herbergier, kastelein

hospitis

van de gastheer, van de vreemdeling

hospitum

gasthuis, ziekenhuis

huius

van deze, van hier

huius loci

van deze plaats

huius loco

in diens plaats

huius pagi

van dit dorp (streek)

huius prolis

van dit kind

huius communitatis scabinus

schepen van deze gemeente, deken van deze gemeente

hujus,

zie huius

humare

ter aarde bestellen, begraven

humatus

begraven

humilis

laag, nederig

husarus

huzaar

hydropicus

waterzuchtig

hydrops

waterzucht

hydropisis,

zie hydrops

hypodidasculus

ondermeester

hypothesis

(Grieks) veronderstelling, stelling